Terug naar nieuwsoverzicht

De afdeling Oncologie/Hematologie van Jan en Max

We stelden een paar vragen aan verpleegkundigen Jan en Max over hun werk op zowel de afdeling hematologie/oncologie als het oncologisch- hematologisch behandelcentrum. Dit is wat ze ons vertelden.

Blog

Mijn werk is uniek door…

“…de combinatie tussen het werken op de afdeling oncologie/hematologie op F6 zuid en de oncologische dagbehandeling in de polikliniek op Q2”, zegt Jan. Hij werkt nu een aantal maanden twee aaneengesloten weken op de afdeling en daarna twee weken op de polikliniek. “Deels zie ik er dezelfde patiënten, in een ander deel van hun behandeltraject, op de kliniek en later op de dagbehandeling. Ik merk nu al dat mijn inzicht in de organisatie hierdoor groter wordt, en mijn kennis zich verbreedt.”

Ook Max werkt op de afdeling en de polikliniek, 2 dagen per maand op F6 zuid en de rest van de tijd op de oncologische dagbehandeling. “Ik wilde meer gaan werken en dat was in de polikliniek niet mogelijk, vandaar de combinatie met F6 zuid. Nu vind ik de afwisseling wel interessant. De beleving van een afdeling tegenover de sfeer op de dagbehandeling.Daarnaast is het prettig om collega’s van de afdeling beter te leren kennen. We zijn immers toch 1 oncologisch centrum met dezelfde patiëntencategorie. Op de dagbehandeling zie je patiënten vaker, maar zijn het korte momenten dat ze op de afdeling liggen. In deze korte periode wil ik graag weten hoe het met de patiënt tijdens zijn behandeling gaat. Vooral hoe het gaat met betrekking tot de bijwerkingen, psychosociaal, maar ook de naasten zijn zeker niet onbelangrijk. Op de afdeling heb ik hier wat langer de tijd voor.”

Ik ben trots op…

“…de hoogwaardige zorg die we kunnen leveren en dat er veel ruimte is voor de psychosociale problematiek van patiënten”, zegt Max. Zo legt hij uit dat de verpleegkundigen voorlichtingsgesprekken geven aan patiënten. “Dat vind ik echt een mooie uitdaging aan ons werk. Hierin leggen we uit wat voor therapie de patiënt krijgt en wat hiervan de gevolgen zijn, niet alleen de lichamelijke, maar ook de psychosociale.” Jan vult aan: “we nemen echt de tijd voor de patiënten om uit te leggen wat er bij het hele traject komt kijken. Het is voor ons belangrijk om ook al bij het voorlichtingsgesprek een inschatting te kunnen maken hoe iemand ermee omgaat.

We bellen ook na het voorlichtingsgesprek en de behandelingen de patiënten na om te vragen hoe het gaat. Hiermee willen we het vertrouwen creëren dat we er écht voor ze zijn, maar dat ze ons ook bellen als er iets mis is.” Max en Jan zijn het er over eens dat dit heel belangrijk is, omdat ze aangeven dat een patiënt vaak snel zegt ‘dat het goed gaat’. Max: “maar juist die kleine veranderingen in iemands gezondheid kunnen grote gevolgen hebben. Door de korte lijnen die we hier hebben met de artsen kunnen we snel schakelen en eventueel de behandeling aanpassen.”

Wat mij nog altijd verbaasd op de afdeling…

“…is dat veel patiënten aangeven het prettig en gezellig bij ons te vinden, ondanks de meestal zware therapie die ze ondergaan”, zegt Max. “We horen dan ook vaak terug dat patiënten ons zullen missen, wanneer de behandeling eindigt. Er ontstaat vaak na een lange en zware behandeling een zwart gat; weg uit wat een vertrouwde omgeving is geweest.” Jan vult hem aan door te vertellen dat “het ook belangrijk is om er echt voor de patiënten te zijn in die moeilijke tijd. Veel patiënten zijn ook eenzaam, doordat vrienden familie niet weten hoe ze met de ziekte om moeten gaan.” Max: “ook als ik mensen vertel wat ik doe, bijvoorbeeld op een verjaardag, krijg ik vaak als eerste reactie: jeetje wat heftig. Dan beaam ik dat, maar ik voeg daar ook aan toe dat je veel voor mensen kunt betekenen door juist hele kleine dingen. Het is heel dankbaar werk wat ik doe, dat maakt dat ik nog altijd met een goed gevoel naar mijn werk ga.”

Mijn werkdag sluit ik af…

“:…als ik in de trein in stap”, zegt Max. “ Ik woon in Eindhoven, als ik na 1,5 uur reizen de trein uit stap, merk ik dat ik mijn werk in het AMC heb gelaten en mijn eigen wereld weer in loop. Uitgerust en al. Natuurlijk blijven bepaalde casussen je wel bij, maar je leert wel relativeren.” Jan vertelt: “ik ben zelden privé nog met mijn werk bezig, al maak je wel heel bijzondere momenten mee. Zo gaf een Portugese man, die inmiddels overleden is, mij ooit twee schelpen van zijn geboorte eiland. Ik hoop deze ooit nog terug te kunnen brengen.”

Geïnspireerd geraakt door dit verhaal? Meer informatie over de functie van verpleegkundige op de afdeling Hematologie/Oncologie vind je hier.